Nocturne voor Joachim: Fragment 1

Het middelpunt van je gedachten.

Op 9 november verschijnt het boek Nocturne voor Joachim, van Magda De Wolf. Een herkenbaar verhaal van een moeder over haar zoon… en de innerlijke waarheid van de mens en liefde die blijft schitteren, over de grenzen van de dood heen.

Hier vind je meer info over het boek, waarvan ook een podcast gemaakt werd:

Op deze website publiceren we enkele fragmenten uit het boek, waarvan dit het eerste is.

Feilloos voelen op welke momenten je aan iemands zijde moet zijn en op welke momenten je iemand beter uit de weg kan gaan, dat ‘weten’ ten aanzien van geliefden is groots. Het is het middelpunt van je gedachten als je naar harmonie zoekt.

We zitten in zijn slaapkamer zachtjes te praten over de voortgang van zijn leven. Het is alsof we een eeuwenoude verwantschap in ons samenzijn herkennen. Als vanzelf word ik de rustige baken, waar hij even kan tegen leunen, iemand die hoort wat er niet gezegd wordt, iemand die tussen de regels leest. Daarin zijn we onderling verwisselbaar. Ik til zijn zwaarte op tot hij vederlicht wordt. Ooit doet hij datzelfde bij mij.

We kijken zoals steeds naar de haagbeuk en laten onze gedachten vertakken. Hij leeft met het uitzicht op een hoekje tuin van zijn grootouders en op het oude bakstenen huisje van zijn overgrootouders, dat in de avondzon weer een gezicht krijgt. We dromen weg bij de bomen die deelnamen aan zijn kinderspelen, die hij nu ziet ouder worden en die lichtjes bewegen, als dansers in een sprookjesrijk. Zijn gedachten zijn elders, bij een onzichtbare elf.

Hij denkt aan alles wat hij droomde en deed en kijkt op het schap naar de afdruk in gips van zijn handje toen hij nog kind was. Er is geen enkel gerucht. De tijd stapelt zich geruisloos op, jaar na jaar van oud naar nieuw. Niets houdt stand uit dat kinderleven; we zoeken een band met wat gebleven is of verdwenen. Het gemijmer geeft voeding aan zijn verhaal, dat zich zonder omhaal verder zet. Hij leeft met een geheim dat hij met iemand moet delen. Zijn zwijgen spreekt boekdelen. ‘Soms heb ik mezelf niet volledig in de hand’, zegt hij, terwijl hij me schuin aankijkt. Er volgt een stilte, die een eeuwigheid duurt. Heb ik dit wel juist gehoord? Ik zet me in een mentale lotushouding en toon een duizelingwekkende kalmte. Moet ik iets zeggen over de mogelijkheden van de vrije wil aan de jongen die zo vaak een grote adembenemende beheersing toont? Is dit een voorafschaduwing van iets wat onvermijdelijk zal komen? Iets dat je raakt, verwart en kan ruïneren? Iets dat als een bliksemschicht kan opkomen? Dit tast je aan in je kern. Het is in staat je waardigheid te ontnemen. De waarheid dringt slechts langzaam, barmhartig langzaam tot me door.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.